Nederlandse wijn kan nooit concurreren met andere wijnen

”Nederlandse wijn kan nooit concurreren met andere wijnen”. Zo luidt de stelling van veel wijnkenners. De kwaliteit is lager en de prijs is hoger. Tóch stijgt het aantal wijngaarden in ons land sinds de jaren ’80 van de twintigste eeuw. 

”Zolang de productie relatief klein blijft en de Nederlandse wijn een rariteit is binnen de wijnwereld gaat alles prima. De verkoop van de wijn aan toeristen en je eigen omgeving is een goede inkomstenbron”. – Aldus Cees van Casteren (VVN: Vereniging Vinologen Nederland)

Het aantal commerciële wijngaarden is sinds 2000 in vogelvlucht toegenomen, er zijn vandaag de dag ruim 170 wijngaarden volgens de Wijngaardeniersgilde Nederland. 

”Sommige boeren hebben genoeg van het eeuwig veranderende wetten en regels en er is ook sociale onvrede met de intensieve veeteelt. Boeren ruimen de varkensstallen op en maken er ruimte voor wijnranken in die plaats.”. – Aldus Cees van Casteren.

Nederlandse wijnboerenNederlandse wijnboeren proberen zichzelf te meten aan gerenommeerde buitenlandse wijnboeren, dat is een grote fout die veel wijnboeren in Nederland maken. De Nederlandse wijnboer gaan nadenken over distributie en daar ontstaan de problemen. De Nederlandse wijn moet bij vergroting van oppervlak meer concurreren met buitenlandse wijnen en dat is heel gevaarlijk, al helemaal vanwege de kritiek die wordt gegeven op de Nederlandse wijn.

”De Nederlandse wijn is te nat” – Aldus Nicolaas Klei, wijnschrijver. Volgens Klei hoeven de Franse wijnboeren niet te vrezen voor een lagere omzet door de toenemende populariteit van de wijn in ons land. In Nederland hebben de wijnboeren te maken met te weinig ruimte en slechte weersomstandigheden, daarom zullen de wijnen en druiven nooit op zo’n kwaliteitsniveau liggen zoals ze in Frankrijk hebben.

”De Nederlandse druivenrassen zijn speciaal gekweekt voor het klimaat dat we hier hebben, daardoor wordt de wijn heel zuur. Voor vijftien jaar terug vielen de tanden bijna uit je mond, zo zuur was het. De Nederlandse druiven waren niet van al te beste kwaliteit, maar we zien er tegenwoordig wel vooruitgang in”. – Aldus Nicolaas Klei